AvarnoV.reismee.nl

Luang Prabang, Nong Khiaw & Muang Ngoi Neua

Dollemansrit, apenkooien, en buffelen. Daar heb je flipper, flipper...lala la la. Nou doel ik niet op het waterdier, maar op de busreis naar Luang Prabang. Een ware flipperkast! Stuiteren, de hele dag door. Slapen zat er niet in; kotsen kwam eerder in de buurt. Een helm zou hersensoep niet voorkomen maar wel blauwe plekken, en een beurse kont kon je alleen met een kussen verzachten. Beide voorbehoedsmiddelen zaten jammergenoeg niet bij de prijs inbegrepen. Wat was ik dolblij toen Luang Prabang eindelijk in zicht kwam! Eenmaal uitgetold samen met een chinees een tuktuk veroverd en ons laten vervoeren naar een centraal gelegen punt in het stadje. Dat is trouwens ook merkwaardig en onhandig in zuid-oost Azie; busstations liggen altijd een aantal kilometer buiten het centrum. Kost je steeds een hele duit om te komen waar je eigenlijk wil zijn. Dat werd dezelfde avond alweer gebalanceerd door te dineren op de nightmarket. In een zijstraat stond een veelvoud aan eetstallen opgesteld. De ene helft vegetarisch en de andere voorzien van vlees en vis. De herbivoren-sectie bood zich aan voor €1 per bord, ongeacht de hoeveelheid. Kon je goed opscheppen, dan at je gemakkelijk voor twee. Zonder schaamte heb ik, iedere avond (4x), het onderste uit de kan gehaald en mijn Jenga-ervaring tot het uiterste moeten inzetten om niet teveel te morsen. Nooit ging ik met honger weg, haha. Gulzige veelvraat, moet de chinees gedacht hebben, toen ik ook de helft van zijn gekochte dierlijke producten naar binnen werkte. Was een gift overigens... Zo'n onbeschofte graaier ben ik nou ook weer niet! Samen met mijn voedselverschaffer ben ik de volgende dag het 'Royal Palace Museum' gaan bezichtigen, wat eens het paleis van de koning was. Een rechttoe rechtaan gebouw met een opmerkelijk sober interieur, in de stijl van de jaren 60 en 70. Op weg naar een tempelcomplex met de naam 'Wat Xieng Thong' passeren we een stel eetkramen waar niemand minder dan Frits en Yannick net wat aan het bestellen waren. Nondeju...alweer! Na het tempelbezoek bij hen aan tafel geschoven en een hele tijd bij kunnen kletsen, onder het genot van een lunch en een fruitshake die over mij heen explodeerde. Iets te hardhandig in geknepen, oops. Aan het eind van de middag heb ik de chinees opgepikt bij zijn guesthouse en zijn we de 'Phu Si' heuvel opgewandeld om de zonsondergang te aanschouwen. We waren niet de enigen met dat idee. Het leek alsof alle toeristen in het stadje hetzelfde dachten. Ook het maleisische koppel, die we sinds de gezamenlijke tour in Vang Vieng meermalen waren tegengekomen, was van de partij. Een interessant stel, die Jehova's getuigen bleken te zijn. Dat was niet aan ze te zien of merken trouwens, in tegenstelling tot mijn beeld van deze gelovige tak in de Nederlandse maatschappij. Een schouwspel in Luang Prabang is het ervaren van de 'alms giving' ceremonie, iedere ochtend rond 6 uur. Om dat mee te maken zul je dus wat vroeger uit bed moeten springen, net als de monniken. Wist niet dat er zoveel wandelende gewaden gehuisd waren in deze regio. Ongelofelijk, en speciaal om te ervaren. Direct daarna een slowboat proberen te charteren naar 'Nong Khiaw', maar dat bleek een onmogelijke en onbetaalbare opgave in mijn eentje. Als alternatief naar het busstation gehaast en een minivan genomen. Een stoere, zelfverzekerde, chauffeur (ondanks/dankzij zijn Mickey-Mouse portemonnee) bracht ons in recordtempo naar het dorp. Een plaatsje gelegen aan een rivier, in een mooie bergachtige setting. Meer dan genieten van de rust en ruimte was er niet te doen, maar dat was precies wat ik zocht. Het kon zelfs nog een trapje hoger op de luiheid-ladder. 'Muang Ngoi Neua', alleen te bereiken per boot was nog stiller en lekker afgelegen. Met welgeteld 1 straat; het enige verkeer bestond uit benenwagens en boerderijdieren, was het makkelijk shoppen. Hier geen Gucci, Prada, McDonalds of Burger King, maar wel een 'all you can eat' ochtend- en avondbuffet. Drie hongerige blanke beren (duitser, canadese en ik) hebben daar iedere dag tweemaal extensief gebunkert, alsof we ons aan het voorbereiden waren op een winterslaap. Het slaapmutsje werd ingeleid met overmatig gebruik van een fles Lao Lao (homemade Lao whiskey). Sterk spul zeg. Een dag later gezamenlijk een stel grotten en twee dorpjes bezocht, waarvan er een nog echt in authentieke staat verkeerde. Een levensstijl die ons een idee gaf van hoe heel Laos eruit gezien moet hebben, nog niet zo erg lang geleden. Verrassend genoeg werden we 's avonds uitgenodigd door een stel Laotianen, voor een gezellig samenzijn op hun terrein, aan het einde van de straat. Nondesjeng, daar werd pas alcohol naar binnen gegoten! Alsof het limonade was. Lachen geblazen joh. Volgende ochtend zuidwaarts getrokken, en na wederom een nacht in Nong Khiaw, met een minivan terug naar Luang Prabang. Althans, dat was de bedoeling. Ergens op de route ging het mis. Er lekte grote hoeveelheden vloeistof weg, en dat betekende einde oefening voor de vierwieler. Een uur later kwam er een volgepakte bebankte truck ('songthaew') voorbij die nog wel wat gaatjes kon opvullen (lees; kon cashen) met toeristen. Als een aap werden we de wagen in geslingerd. Met een bil op een zak bagage, een bil bij iemand op schoot, een arm aan de stang boven je om gewicht op zitvlak te minimaliseren en een om te stabiliseren, kan ik wel zeggen dat primaten geen makkelijk leven hebben. Mocht je er een tegenkomen, geef hem dan alstjeblieft een banaan. Dat verdient ie wel voor het vertonen van zijn kunstjes. De dag erna gevuld met een tour naar 'Kuang Si Falls'. Bekend om de vele door kalkafzetting gevormde terrassen, vergelijkbaar met Jiuzhaighou N.P. en Huanglong N.P. in China, plus een verkoelende waterval. Luang Prabang, met haar nightmarket, was een ideale plek om nog wat souvenirs (alsof ik er nog niet genoeg meesjouw) in te slaan alvorens te vertrekken naar Thailand. Het land van de ladyboys en massages lag slechts een paar bus-uren westwaarts. Maar zoals gewoonlijk koos ik de meest grensverleggende, moeilijkste en langste transportmogelijkheid. Dit keer een vaart per boot die, hoewel behoorlijk bezet, niet eens zo oncomfortabel was. In plaats van een dag bussen deed het vaartuig er twee hele dagen over. 16 uur cruisen over de Mekong rivier, met een tussenstop in 'Pakbeng'. De wereld dreef aan ons voorbij, op een tempo waar je langzaam door in slaap werd gesudderd. Gelukkig werd ik wakker gehouden door een chinese dame, zodat ik niks van de mooie omgeving heb gemist. Had haar uit de brand geholpen door het ticket, voor de tweede helft van de reis, te betalen. Ze had geen Kip, Baht of Dollars meer, en dan kun je het wel schudden! Heb mijn laatste papiergeld over de boeg gegooid en gulle gever gespeeld. Een goede daad blijft nooit onbeloond, hopen we dan maar. Eindstation voor vandaag; 'Huay Xai'. Niet geheel volgens plan te laat gearriveerd, waardoor het onmogelijk was de grens nog over te steken. Zo werd het een kostbaar dagje. En we moesten al zo op de centen letten, om maar geen nieuwe Lao Kip te hoeven bemachtigen. Arme stakkers.

Reacties

Reacties

Niek

Goed vermaak weer, deze verhalen!

Diana

Nou Mark, toch wel heel bijzonder om te lezen hoe jij iedere keer reist.
Had je nu maar die mooie gele helm meegenomen van hier, hé hé hé!

Liefs van mam.

{{ reactie.poster_name }}

Reageer

Laat een reactie achter!

De volgende fout is opgetreden
  • {{ error }}
{{ reactieForm.errorMessage }}
Je reactie is opgeslagen!