AvarnoV.reismee.nl

Xian

Painkillers, cocktails en een levendige oude hoofdstad.

De reis naar Xian was een verschrikkelijke. Nog steeds ziek, en dit keer met pijnlijke steken achter mijn linkeroog. Geen idee wat ik had opgelopen en hoe ik ervanaf kwam. De paracetamol was inmiddels op, net nu ik het hardst nodig had. Heb met mijn gebrekkig chinees in combinatie met party-en-go skills aan een aantal reizigers proberen uit te leggen wat ik onder de leden had, en of ze daarmedicatie voor bij zich droegen (doelend op een pijnstiller). Zonder gewenst resultaat; ze begrepen het niet of hadden niks bij zich. Dan maar overleven met mijn hoofd tegen het koude raam, om de pijn te verlichten. Heb het gelukkig nog uit kunnen houden tot plaats van bestemming, en was opgelucht toen ik eenmaal mijn bed had gevonden in het hostel.
Ben meteen op zoek gegaan naar een apotheek, voor de broodnodige pijnstillers. DIe vond ik, bij toeval, in de 'Muslim Quarter'. Een mooie, levendige wijk met ontzettend veel souvenirshops en eettenten. Omdat de hoofdpijn gelukkigeen stuk minder werd, heb ik de rest van de dag door de straten geslenterd en een aantal souvenirs gekocht.

De volgende dag weer begonnen met islamitische sferen en de 'Great Mosque' bezocht. Interessant om een mix van islamitische en chinese tradieties en architectuur te zien. 's Middags naar de oude envolledig intact zijnde'City Walls' gegaan, aldaar een fiets gehuurd en heerlijk over de muur getourd. Weer eens wat anders als steeds maar bus, trein en loopwerk.
Als culinaire afsluiting van deze dag wilde ik wel eens 'rice wine' en 'rice cake' proberen. Maar dat was toch niet zo'n bijzonder goed idee. EIgenlijk een bar slecht idee. Smerig dat het was! Heb nog nooit zoiets vies gegeten. Eerlijk waar. Om de smaak weg te werken maar gauw een lekker groot ijsco gekocht.

Toen ik, na een goede nachtrust, 's ochtends mijn dormroom uit liep kwam ik voor de deur een Zweed tegen die vroeg wat ik deze dag allemaal van plan was om te gaan doen. Ik zei graag naar het 'Terracotta Army' te gaan, en dat leek hem ook wel wat. Van het een kwam het ander en besloten we al gauw om samen een bezoek te brengen aan de kleien soldaten.
Dit is meteen ook het leukste van reizen als en backpacker. Je komt overal en nergens mensen tegen met ideeen en plannen die de jouwe soms overlappen. Als je behoefte hebt om een reis of bezoek aan een bezienswaardigheid te delen dan kun je daar natuurlijk op in spelen. Heel flexibel en vaak erg interessant!
Maar om even terug te komen op het terracottaleger: de sight bestond uit drie hallen waarvan er eigenlijk maar een echt indrukwekkend was. Dat was hal nr.1 waar de, deels gerestaureerde, soldaten en paarden weer op hun voetstuk waren geplaatst. Zoals je ze, op de voor ieder wel bekende foto's ziet, zo komen ze natuurlijk niet uit de grond. Dat was vooral te zien in hal nr.2 en 3, waar ze nog deels met opgravingen bezig waren.
Na een tijdje hadden we het wel gezien en zijn terug gegaan naar het hostel. Daar zat ik een beetje te internetten en research te doen voor de volgende dag, toen ik opeens werd uitgenodigd om aan de bar wat te komen drinken. Geheel gratis nog wel, omdat het personeel net een oefensessie cocktails mixen achter de rug had. Alle aanwezige gasten in de lounge-area waren van harte welkom, en daar werd gretig gebruik van gemaakt. De alcohol vloeide rijkelijk, en dat op kosten van het hostel. Wat een verrassing ensfeer!
Gezelligheid kent geen tijd...

Pingyao

Kort, maar krachtig: Painyauwww

Ziek geworden in de trein en daar 3 dagen lang plezier aan beleefd. Met een wc-rol in de hand, om snot weg te vegen, heb ik alles bij elkaar toch nog het een en ander kunnen bezichtigen. Al werd het wandelen op een gegeven moment strompelen, omdat ik ongelukkig, in een door paardenwagens uitgesleten keienspoor gleed. Auw! Dan ga je je toch afvragen of daar toendertijd niet ontieglijk veel mensen ook in zijn getrapt, met alle gevolgen van dien...
Op mijn dooie gemak, kon ook niet anders, de volgende dag naar een parkje geschuifeld en daar veel tijd doorgebracht. Aldaar een bankje opgezocht en lekker mensen zitten kijken; volwassen die, met kinderlijk enthousiasme, aan het vliegeren waren en voorbij waggelende kromme bejaarden.

Ook de dag erna stond in het teken van snottebel en manke nelis. Al waren ze wel wat minder aanwezig. Heb hetzelfde parkje opgezocht en heerlijk geluierd en mijn dagboek bijgewerkt.
's Avonds op het station, wachtend op de trein naar Xi'an, aangesproken door een stel chinezen. Waar ik vandaan kwam, of ik alleen reisde en wat voor werk ik deed. De eerste twee vragen zijn uiteraard makkelijk te beantwoorden, maar de derde vraag word gecompliceerder. Ze snappen namelijk niet, dat als je zegt dat je geen werk hebt, niet meer studeerd of bent gestopt met werken, je toch helemaal in China kunt geraken. Iedere keer weer krijg je verbaasde blikken als je zegt dat je zelfs een jaar lang gaat reizen! Ze vragen zich stuk voor stuk af waar je dat van betaald. Voel me dan net Ritchie Rich; het rijke jochie dat alles binnen handbereik heeft om zijn dromen waar te maken.

Beijing 3

Part 3: D-Day

De dag begonnen met een poging tot het boeken van een treinticket (naar Pingyao), via een train ticket office vlakbij het hostel. Dat viel nog niet mee! Met handen en voeten, een handig reisgidsje dat ik gekregen had van een roommate, en uiteindelijk hulp van een local die een woordje engels sprak dan toch succesvol. Duurde even, maar dan heb je ook resultaat. Daarna, na veel wikken en wegen, opties vergelijken en de beste prijs/kwaliteit zien te achterhalen ook nog een tour naar de 'Great Wall' vastgelegd, Die tour, genaamd 'The Secret Wall' (voorspeld veel goeds) zou de volgende dag gaan plaatsvinden. De trip zou ons meenemen naar onbekende, deels gerenoveerde en deels vervallen stukken muur, waar weinig tot geen andere toeristen zouden komen. Ben benieuwd!
Na het vele regelen eindelijk op weg naar de sight voor vandaag; het supergrote en mooie 'Summer Palace'. Achteraf gezien kan ik concluderen dat het het beste is wat Beijing te bieden heeft. Echt waar; een ideale combinatie van cultuur en natuur (kleur en sfeer).

De dag der dagen. Op het programma de 'Great Wall', waar ik samen met 2 australiers en een gids, vroeg in de ochtend naartoe ben gegaan. Na 2,5 uur rijden, kwamen de bordjes 'Badaling' tevoorschijn, en dat gaf ons vast alledrie niet zo'n goed gevoel. Dat komt omdat dat stuk van de muur bekend staat als trekpleister voor massatoeristisme en zodoende superdruk is. Maar ooh, wat een opluchting toen we daar eenmaal voorbij waren gereden. Geleidelijk werden de wegen slechter en slechter. Dat voorspelde veel goeds!
Eenmaal aangekomen reden wen een behoorlijke parkeerplaats op, waar wgeteld 1 kraampje stond met food and beverages, 1 toiletgebouwtje en 1 securityguard bij de entrance. Alvorens het park te enteren, nog allemaal een snelle drive-by de wc's gedaan en toen de auto zo dicht mogelijk bij de muur geparkeerd. Parkeerplaatsen voor het uitzoeken, want er was geen kip.
Totaal uitgestorven!
Daar stonden we dan, omhoog kijkend naar de enorme, soms erg steile klim die ons te wachten stond. Daar kwamen we tenslotte voor, dus hey, op naar de top.
De eerste paar honderd meter van de muur was vrij recent gerenoveerd, en dat was duidelijk te zie. Maar al gauw kwam de oud, vervallen muur geleidelijk tevoorschij. Dat zag je, maar merkte je ook vooral aan het klimmen. Dat werd namelijk steeds moeilijker door losse stenen, onheilspellende metersdiepe gaten en totaal verdwenen stukken muur.
Op een gegeven moment ging de gids niet meer verder, en zei tegen ons dat we nog tot zo en zo laat de tijd hadden om meer te zien, en dan weer terug te zijn op deze plek. Ok...vreemd, maar dat weerhield ons er niet van om het er eens flink van te nemen en de top van de berg te bereiken. Het pad werd iets verderop wel een heel erge uitdaging, maar dat wist de gids natuurlijk allang!
Op het hoogste punt van dit stuk van de grote muur (Shi Xia Guan) stond ons een magnifieke gewaarwording te wachten; 360 graden panorama met zicht over meerdere provincies, bergen, valleien en grote stukken van de muur.
Terug in Beijing bij een turks-chinees tentje blijkbaar een soort spaghetti besteld. Als ik dat had geweten, haha. Het was niet zo'n heel handige keuze, want dat is op z'n zachtst gezegd echt lastig eten, met 2 stokjes. Probeer thuis maar eens, kun je lachen ;) En vergeet niet veel saus erop te doen he! Het werd een kliederboel, maar ik heb na veel gespetter en gesputter toch de missie weten te volbrengen. Hopelijk heb ik de poetsvrouw geen nachtmerries bezorgd.
Na het eten, en ongetwijfeld met een oranje snor van de spaghettisaus, nog snel even een guesthouse geboekt in Pingyao.
De laatste dag in deze wereldstad, het zeer patriottistische 'national museum' bezocht. De trot van China, waar haar held; Mao Zedong overal voelbaar is. Zoals alles in China, was het museum ook weer van het formaat waar je u tegen zegt.
Deze avond de volgende stap van mijn masterplan in werking gezet; de trein naar Pingyao.

Beijing 2

Part deux

Als je in Beijing bent kun je niet om de 'Forbidden City' heen. Letterlijk...probeer het maar niette lopen, zekerna een lange reis met veel benenwagenwerk.Ben ervaringsdeskundige, heb je kunnen lezen.
Maar omdat de 'Forbidden City' vast niet de hele dag zou innemen stond ook nog het aangrenzende 'Jingshan' park op de planning. En als ik denk dat dat op een dag kan, danlukt dat ook. Mijn handicap zullen we maar zeggen.
En zo startte ik vandaag vroeg om de toeristenmassa voor te zijn, maar dat dachte zij blijkbaar ook. Gelukkig is het complex ('Palace Museum' word het ook wel genoemd) zo gigantisch groot en verloopt de ticketverkoop uiterst snel, zodat we in ieder geval niet aan elkaar plakten.
Bij sommige bezienswaardigheden waren er toch weer Datong-achtige taferelen. Maar die kon je gelukkig goed ontwijken door een labyrint van gangen en tuinen. Ik had trouwens nooit gedacht dat het zo geheel zo enorm was. Heb er zo'n 4 - 5 uur over gedaan om 'alles' te zien.
En dan te bedenken dat men er bij het gemiddelde tourtje 1,5 uur voor uittrekt. Sterker nog, er zijn operators die de Forbidden City, Summer Palace en Temple of Heaven (alledrie grote sights) op een dag aandoen. No way! Echt een japanner-holiday heb je dan ('heel europa in 1 week'). Met de camera al in de hand snel wat flitsen en dan weer door naar de volgende bestemming. Waste of time.
Via de noordzijde van het Palace Museum eruit gegaan, straat overgestoken, en direct bij de zuidgate van het Jingshan park naar binnen gegaan. Eerst betaald natuurlijk, want dat moet bij elk stukje groen in Beijing.
's Avonds, na lang zoeken een underground internetcafe gevonden, waar het vol zat met gamende studenten. Waar studenten zijn is het altijd toeven qua tarieven. En dat klopte ook nu weer. Zo kon ik voor het eerst deze reis een verblijfplaats regelen voor de komende nachten, want3 nachtenis echt niet genoeg voor Beijing. Daar wilde ik er nog 3 bij. En dat lukte in no-time: een zeer centraal gelegen guesthouse voor 5 euro per nacht. K-ching! Van nu af aan ga ik op dezelfde wijze slaapplaatsen regelen. Makkelijk, snel en alleraardigst voor de budget-reiziger.

De volgende dag rustiger aan gedaan en, slechts, de 'Temple of Heaven'bezocht. In het omringende park heerlijk genoten van accordeonmuziek, groepszang en kaartspel-spelende mensen. Laat in de middag terug laten rijden door een electronische riksja; China gaat ook vooruit he. Het was in ieder geval een ideale manier om je voeteneven te ontzien van asfalt, klinkers en eeuwenoude keien (dat loopt pas echt vervelend). En daar was de blarenfamilie maar wat blij mee!

Beijing

Part 1: First Blood

Absurde drukte op het station in Datong. Alsof iedereen naar Beijing moest op dat tijdstip. En dringen dat het geblazen was, toen duidelijk werd dat de poortjes naar het perron opengingen. Ellebogenwerk overal om me heen, terwijl op ieder treinticket gewoon wagon- en stoelnummer staan! Ze probeerden het bloed onder je nagels vandaan te halen.
Uiteindelijk toch nog heelhuids en zonder kleerscheuren aangekomen in Beijing. Ik heb m'n mannetje gestaan ;)

Aldaar opgewacht door een chauffeur met compagnon die me naar het hotel hebben gebracht. Mijn slaapplaats voor de komende 3 nachten was gelegen in een 'Hutong' aan een stel meren. Het was al aardig donker toen ik aankwam en besloot om een wandeling te maken langs de meren, om de buurt een beetje te verkennen. Al gauw bleek dat het echt een zeer levendige en leuk verlichte omgeving was met tientallen restaurants, caf'e's en 'ladybars'. Ja; je leest het goed, haha. Daar ben ik hoogstpersoonlijk een aantal keer voor uitgenodigd ('very beautiful lady's, free looking'), maar heb ervoor bedankt. Valt net iets buiten mijn budget ;)

Volgende dag fris en fruitig, en veel te optimistisch vanaf het hotel naar het immense Tianenmen Plein gelopen. Leek op de kaart best te doen, maar dat viel zwaar tegen. Met een zwetende bilnaad, op het plein, verscheidene keren gevraagd om te poseren voor een rits foto's. Timing kon niet beter, maar hey waarom ook niet...
Op de terugweg naar het hotel gek genoeg besloten om weer lopend te gaan; de warmte was zeker naar mijn hoofd gestegen. Nu wel via een andere route, en onderweg Beihai park aangedaan. Dat is een van de vele vroegere tuintjes van de emperors. En daar hielden ze overduidelijk wel van: groots, mooi, en op z'n chinees heel erg 'bewerkt'. Overal zie je dat er mensenhanden aan hebben gezeten. Tot aan zogenaamd 'natuurlijke' stenen aan toe.

Totaal gesloopt, en met de nodige blaren, weer beland in het merendistrict, alwaar ik het diner heb samengesteld uit eetbaarheden van verschillende kraampjes. Lekker, goedkoop, veel, goedvullend. Dat had ik wel verdiend!

Datong 2

Korting, korting, drukdrukdruk

Afijn, de Yungang grotten en Hangende Tempel een dag later. Vroeger als gepland opgehaald en naar de opstapplaats van de tourbus gebracht; achterop een scooter. Scheurende tussen andere gemotoriseerde en fietsende weggebruikers, zag ik de halve stad nu vanuit een ander perspectief. Door de snelheid, en het heerlijke koele ochtendbriesje, konden mijn zwetende oksels even lekker luchten. Zwetend; omdat er maar 1 helm was, en 'de scheurneus' himself die natuurlijk opzette, maar ook omdat het zonnetje deze dagen extra zijn best deed.

Eenmaal heelhuids aangekomen keisgemaakt met 6 italianen en de gids. Onderweg naar de Hangende Tempel zijn we gestopt bij een nog levensechte holbewoner. Een man van, ik schat, in de zeventig. Hij bleek daar echt te wonen, en dat kregen we ook te zien. Heel erg gastvrij en vriendelijk, en natuurlijk blij dat ie wat bezoek kreeg.
Weer in de bus zittende, vroeg de gids of ik nog student was, in verband met mogelijke fikse kortingen bij het kopen van de entreetickets. Niet helemaal eerlijk knikte ik, en gaf haar mijn half vergane studentenkaart. En zo kreeg deze allang afgestudeerde jongeman de toegangskaartjes maar liefst voor de halve prijs!

Op naar het hangende klooster, waar het in de zomermaanden gemiddeld 2 uur lang wachten is in de rij, konden we nu rechtsreeks doorlopen. De naam van het klooster is wel misleidend, want hoewel hij hangend lijkt, is ie dat al lang niet meer. Is jaren geleden al gestut en verstevigd. Maar dat doet niet af aan de 'experience'.
Na een tergend lange rit naar de Yungang Grotten, waarbij iedereen was ingedut (behalve de chauffeur) dan toch eindelijk bij het imposante gebeuren aangekomen. Onder begeleiding van de gids de eerste, en tevens 20 mooiste/grootste grotten bezocht. Sommige van de ruim 50 grotten zwaar aangetast of zelfs ingestort door water/kolendamp/aardbevingen en verwering. Maar dat kan ook haast niet anders, na meer dan 1600 jaar.
Lopende naar de uitgang werden we door een straatje met allemaal verschillende kitsch-waren; souvenirs en prullaria, gevoerd. Typische toeristenval.

Na eigenlijk veel te lang getourd te hebben (vond ik helemaal niet erg), voornamelijk door de ruim de tijd nemende italianen, ben ik gedropt bij een busstation in de stad. DIt omdat de tourbus niet verder zou rijden als de opstapplaats. Was te verwachten. Maar niet erg hoor, want diezelfde busroute had ik de dag ervoor 'toevallig' ook al afgelegd.
En zo komen dingen die je meemaakt, bewust of onbewust, toch weer bij je terug. Wonderbaarlijk!

Datong

Een kleine stad (580.000 inwoners), en een handjevol gringo's.

Op het stationsplein inDatong komt er een man naar me toegejogd. Hij had me natuurlijk al van verre aan zien komen. Als blanke man tussen de chinezen val je namelijk wel op.
De beste meneer bleek van CITS (China International Travel Service) te zijn en had een aantal tourtjes in de aanbieding die goed verzorgd en goedkoop zouden zijn. Klonk interessant! Maar alvorens toe te stemmen heb ik eerst nog even geinformeerd bij andere aanbieders, maar daar zat niets beters bij. Ik weer terug gelopen naar het plein, en heel erg 'toevallig', kwam ik hem in no-time weer tegen.
Heb hem even om raad gevraagd; wat ik het beste zou kunnen gaan doen in Datong, en meteen toegestemd met een tour naar de Yungang grotten en Hangende Tempel de volgende dag.
Maar eerst even de stad verkennen. En om lekker te kunnen navigeren is het uiteraard handig om een goede plattegrond te hebben. Die dacht ik dus gekocht te hebben, maar het bleek er een in het Chinees. Klein probleempje dus.
Omdat me was aangeraden om de 'Nine Dragon Wall' en eventueel de 'Chinese Muur' te bezichtigen ben ik terug naar het hotel gelopen en gevraagd welke bus ik zou moeten nemen om daar te geraken. Heel behulpzaam werd me uitgelegd waar ik op moest stappen en welke bus ik moest nemen. Ook werd alles in het chinees op een papiertje geschreven, die ik alleen hoefde te laten zien aan de buschauffeur, zeiden ze. Ok; zo gezegd, zo gedaan.
In de veronderstelling dat we richting Chinese Muur zouden gaan, bleef ik lekker in de bus zitten, terwijl vanuit het raam de gerestaureerde stadswallen van Datong voorbij kwamen. Een tijdje later zag een medepassagier mijn briefje (met bestemming) en begon tegen me te praten. De ene na de andere kwam ook even spieken en begonnen verhaal te halen bij de chauffeur. Wat bleek; we waren er allang voorbij gereden. Huh? Ja, dat dacht ik ook! De receptionisten van het hotel hadden het denk ik verkeerd begrepen. En de chauffeur me niet gewaarschuwd om uit te stappen. Dubbel pech.
Op aanraden van de menigte maar de bus uitgestapt en de benenwagen genomen naar de onbedoelde 'andere muur'. Toch niet helemaal voor niks, want al wandelend kwam ik een andere bekende 'sight' tegen (Huayan Tempel). En vervolgens ook nog bij de, wel geplande, Nine Dragon Wall.

Achteraf gezien niet zo erg dat ik de Chinese Muur niet vanuit Datong heb kunnen bezichtigen, want die schijnt erg vervallen te zijn, en alleen nog uit aarde en zand te bestaan (stenen gebietst door omwonenden om te gebruiken voor eigen doeleinden). Gelukkig vanuit Beijing weer een kans, en waarschijnlijk een veel betere!

Deel 2 van Datong komt binnenkort. To be continued...

Ulaanbaatar

Van het nomadenleven naar urban Ulaanbaatar.

Van arm naar rijk. Of misschien kun je het beter andersom bekijken. Wat de nomaden in de natuur misschien aan materiaal ontbreekt, zo ontbreekt het de stadsmensen aan rust en ruimte. En dat is te merken! Er word gigantisch veel gebouwd omdat elk jaar meer en meer mensen van het platteland naar de stad trekken. Meestal op zoek naar een in hun ogen beter leven, werk, luxe en comfort. De flatgebouwen schieten als paddestoelen uit de grond en daar moet veel voor wijken. Gelukkig blijven een aantal bezienswaardigheden vooralsnog bespaard.

Een daarvan is het Gandanklooster. Gelegen in een, mag ik wel zeggen, krottenwijk (of achterbuurt). Ik kende het slechts van een plaatje en dacht dat het ook maar een gebouw was. Maar het plaatje bleek veel groter te zijn; prachtige gebouwen, wandelende mensen en een duivenplaag. Het stikte ervan! Vast omdat er op ieder plein wel een paar gekken duivenvoer aan het verkopen waren. Dan vraag je erom he...
Bij het zoeken naar een avondmaal (geen duivenborst) stuitte ik op een ‘traditional mongolian fastfood‘ restaurant. Klonk goed; en het was verukkelijk! ‘s Avonds voor het slapen gaan een fijne douche genomen, totdat ik uit de douche stap om me aan te kleden en in een plas water sta die de hele badkamer besloeg. En die was niet zo klein helaas... Nog een hele tijd bezig geweest om de natte zooi op te ruimen. En zo werd het weer laat. Hoe krijg ik het toch voor elkaar?

Dag later het ‘National History Museum’ bezocht met een imposante en gedetailleerde collectie van het stenentijdperk tot en met de vrij recente schreeuw om onafhankelijkheid en democratie. Maar wat het meest eruit sprong was de afdeling van de mongoolse gouden tijd onder de 'Khanen’. Wist niet dat we zoveel van hun sociale, culturele en economische normen en waarden hadden overgenomen. Op de massaslachtingen en veroveringen na waren ze lang zo slecht nog niet.

Al lopende naar het ‘Bogd Khan Winterpaleis‘ in een stof/zand-storm terecht gekomen. Wat daar, naar het schijnt,wel vaker voorkomt. Dat was met name goed te zien vanaf een soviet-monument (Zaishan) op een heuvel met uitzicht op de stad.

Op de terugweg naar het hostel werd ik aangesproken door een mongoolse man. Hij was nogal luidruchtig, opgewekt en vooral erg racistisch. Begon meteen over Marco van Basten toen ik vertelde dat ik uit Holland kwam. Ruud Gullit kende hij ook, maar dat vond ie maar een slechte speler. Logisch; als je een negerhater bent. Om hem af te wimpelen, en er gelijk mijn voordeel mee te doen, vroeg ik hem naar het dichtsbijzijnde internetcafe. Uit het niets schreeuwt ie iets naar een voorbijlopende jongeman, en die heeft ons op weg geholpen. Na de racist vriendelijk, maar met bedenkingen, gedag te hebben gezegd heb ik mooi voor een prikkie kunnen internetten.

‘s Avonds naar het restaurant waar ik een dag eerder ook al vertoefde, want die was goed bevallen. En omdat ik honger had een gevulde soep + een bord met eten besteld. Blijkbaar toch niet helemaal ‘normaal‘, want de medewerkers keken me verbaasd aan en sommigen wisten een grijns niet te verbergen. En ik stiekem teruglachen omdat het zo spotgoedkoop was, hehe. Iedereen blij!